Zo leg je de waarde van testen uit aan de klant
Vraag een tester wat hij doet en je krijgt "instaan voor de kwaliteit" of "fouten vinden". Vraag je een beetje door, dan volgt er een uitleg die al snel alleen andere testers kunnen volgen, en zie je de klant na een paar minuten afhaken. Dat is een probleem. Als softwaretesters worden we ingehuurd omdat een opdrachtgever bereid is te betalen voor betere software. Maar als we onze waarde niet kunnen uitleggen op een manier die aansluit bij de klant, verdwijnt die waarde in het jargon.
Er is een eenvoudig model dat dat verandert.
Drie werelden
Stel je drie werelden voor. De eerste wereld is de klant: alle uitgesproken, vanzelfsprekende en onbewuste wensen die bepalen wat goede software voor hem betekent. De tweede wereld is het concept, de requirements, user stories, specificaties, systeemtekeningen, alles wat beschrijft wat er gebouwd wordt. De derde wereld is het product zelf, de software die er uiteindelijk ligt.
Die drie werelden hangen samen, maar ze zijn niet vanzelfsprekend in lijn. Elke afwijking tussen de werelden is een potentieel kwaliteitsprobleem.
Drie bruggen
Tussen die drie werelden liggen drie bruggen, en dat is precies waar de tester werkt.
De eerste brug verbindt de klant met het concept. Hier brengt een designer de wensen van de klant in kaart. De tester is hier ook actief: risico-analyse, user stories onderzoeken, meedenken in three amigo sessies, horrorplots opstellen. De centrale vraag is: is het verhaal consistent en volledig, en wat wil de klant dat er juist níet gebeurt?
De tweede brug verbindt het concept met het product. De developer bouwt, de tester checkt: doet het gebouwde ook wat is afgesproken? Dit is het domein van handmatige of geautomatiseerde scripts, van verificatie.
De derde brug verbindt het product met de klant. Hier vindt exploratory testing plaats, waarbij je ziet hoe de nieuwbouw zich gedraagt in de bestaande context, en bughunts waarbij de klant direct met het product aan de slag gaat. Hier komen ook nieuwe wensen boven die niemand van tevoren had voorzien. Op alle drie de bruggen maakt de tester gebruik van dezelfde middelen: vragen stellen, feedback geven, onderhandelen, rapporteren.
Zo leg je de waarde van testen uit
Als een klant vraagt wat je als tester doet, dan is dit het verhaal:
"Een tester zorgt ervoor dat de kwaliteit van het product voldoet aan jouw verwachtingen. Kwaliteit betekent: alle eigenschappen van het product die aansluiten bij jouw wensen. Hoe dichter die aansluiten, hoe hoger de kwaliteit, hoe tevredener jij.
De tester doet dat door actief te zijn op de verbinding tussen jouw wensen, de specificaties en het gebouwde product. Hij zorgt mede voor een eenduidig beeld bij het bouwteam van wat jij wilt. Hij vergelijkt dat beeld met het product dat wordt gebouwd, zodat fouten vroeg worden gevonden. En hij test het eindresultaat in de echte wereld, zodat ook behoeftes die jij zelf nog niet had verwoord boven water komen. En dat alles zodat jij vertrouwen krijgt in wat je betaalt."
Meer dan een uitleg
Het model is meer dan een manier om jezelf te introduceren. Het dwingt je ook na te denken over wat er op die bruggen nog ontbreekt. Welke testactiviteiten doen we niet? Waar laten we kansen liggen? En wat zouden een designer of developer zeggen als hun werk centraal zou staan?
Testmodellen uit het vorige millennium zetten het testwerk zelf centraal, testtechnieken in het midden, logisch vanuit een watervalcontext. Die tijden zijn voorbij. De tester is een dienstverlener aan de klant, actief op alle drie de bruggen, als lid van een team dat hetzelfde doel heeft.


